Herken je dit? Een la vol halfgevulde notitieboekjes. Het ene te mooi om in te schrijven, het andere te goedkoop om serieus te nemen. Eentje voor werk, eentje voor privé, en nog eentje voor “ooit”. En waar schreef je ook alweer die belangrijke afspraak op?
Precies.
Iedereen die ooit serieus in journaling is gedoken, weet het: het is een wereld vol valkuilen. Voor je het weet speel je constant verstoppertje met je eigen gedachten. Tijd om terug te gaan naar de basis: hoe kies je een journal dat je leven niet ingewikkelder maakt, maar juist simpeler?
Ik gebruik graag het woord journal omdat het niet alleen notities zijn die ik erin maak, maar ook taken, gedachten, schetsen… alles…
Duurzaam maar niet chique
Je journal moet tegen een stootje kunnen. Geen scheuren, geen inkt die doorlekt, geen cover die na een maand al loslaat. Dat is de basis.
Maar pas op voor de luxe val: een duur designboek met gouden randen werkt vaak averechts. Je gaat hem niet gebruiken omdat je bang bent dat je hem verpest. En dan staat-ie maar te verstoffen. Zonde van je geld en vooral: van je tijd.
Het beste journal is saai genoeg om in te schrijven en sterk genoeg om mee te nemen. Het verdwijnt naar de achtergrond zodat jij kunt focussen op wat er écht toe doet.
Zelf gebruik ik een Leuchtturm1917. Waarom? Omdat-ie al een index heeft en genummerde pagina’s. Ik hou er niet van om zelf nummers te moeten schrijven – dat is precies het soort gedoe waar je vanaf wilt. Het journal moet het makkelijker maken, niet moeilijker.
Eén boek voor alles (ja, echt alles)
Nu kom je bij de volgende valkuil: hoeveel boeken heb je eigenlijk nodig? We kennen allemaal de verleiding: een boekje voor werk, eentje voor ideeën, eentje voor lijstjes en nog een voor “persoonlijke groei”.
Ryder Carroll (de bedenker van de Bullet Journal-methode) liep er zelf ook tegenaan. Zijn oplossing was briljant in z’n eenvoud: één enkel boek. Eén bron van waarheid. Alles wat ertoe doet, komt op die pagina’s.
Oké, ik moet eerlijk zijn: ik heb meerdere boeken. Maar ze hebben een duidelijke functie. Een persoonlijk dagboek voor diepere gedachten, een creatief dagboek voor foto’s en creatieve uitspattingen. Maar beide worden gevoed vanuit mijn bullet journal. Dat is de bron. De plek waar alles begint. Zonder dat ene boek als basis? Dan zou ik echt alles vergeten…
Begin elke dag met intentie
Hier komt het krachtigste onderdeel: je dagelijkse routine. Geen ingewikkelde weekplanners die je dwingen op maandag te bedenken hoe je vrijdag voelt.
Mijn dag begint bij het ontbijt. Kopje koffie, open bullet journal. Gewoon dit:
- Drie hoofdtaken noteren
- Eén uitpikken als jouw echte prioriteit
Dat wordt je daily quest. Deze moet af en pas dan mag je een nieuwe taak kiezen.
Komen er nieuwe taken bij? Mooi. Schrijf ze op. Maar ze moeten zich wel meten met jouw nummer één van die dag. Is het urgenter? Oké, wissel dan bewust. Zo niet? Dan wacht het maar even.
Deze simpele gewoonte geeft je controle terug. Jij beslist waar je energie naartoe gaat. Stop met piekeren. Schrijf op. Doe het. Klaar.
Je journal als spiegel van jezelf
Het mooie van zo’n dagelijkse routine? Na een paar weken valt het kwartje. Je notitieboek is niet alleen een plek om dingen kwijt te raken – het is een archief. Door regelmatig terug te bladeren zie je patronen die je anders nooit zou ontdekken.
Wat werkte? Wat niet? Waar schreef je te vaak “morgen”?
Bij mezelf zag ik iets opvallends: ik werd steeds minder creatief in mijn bujo. Ik zette er steeds minder in. Een patroon dat ik niet gelijk herkende, maar dat me uiteindelijk – dankzij een burn-out – wel triggerde.
Een dagelijkse reflectie helpt je te zien waar je tegenaan bent gelopen en wat je fijn vond. Plusjes, minnetjes en leerpunten. Klinkt simpel, maar het geeft je inzicht dat je anders gewoon mist.
Minimalisme wint het van creativiteit
Nu voel je de verleiding: het perfecte systeem creëren. Pinterest staat vol prachtige spreads, trackers, kleuren, stickers… mooi hoor, maar eerlijk? Ze kosten vooral tijd en energie.
Natuurlijk ben ik daar ook doorheen gegaan. Bij elke nieuwe journal voel ik die verleiding weer. Maar in mijn achterhoofd blijft één vraag: is het functioneel voor mij? Hoe langer ik journal, hoe beter ik weet wat ik nodig heb. En vooral: wat ik écht gebruik.
Bedenk met alles wat je (met de hand) toevoegt aan je journal: is het het opschrijven waard? Evalueer aan het eind van de maand of je die habit tracker voor je stappen komende maand weer gaat opzetten. Je hebt hem maar 1 week gebruikt… is dit wel iets dat je wilt tracken? En zo ja… waarom heb je het niet gedaan?
Houd het simpel en doelbewust. Eén doel. Eén intentie. Geen tierelantijntjes die alleen maar afleiden, tenzij ze écht bijdragen aan je proces.
Gewoon beginnen (nu)
Begin gewoon. Begin met het opschrijven wat je vandaag wilt doen. Wacht niet tot het perfect is, totdat je de perfecte spread gevonden hebt, je magische pen of de mooiste kleuren voor de kleurcodering.
Dat perfecte moment bestaat niet.
Rommelig? Prima. Kruisjes, doorstreepjes, krasjes – alles mag. Het journal is een hulpmiddel, geen museumstuk. Het past zich aan jou aan, niet andersom.
Wat levert het je op?
Een goed journalsysteem geeft je mentale ruimte terug. Je hoeft niet meer te onthouden waar je wat hebt opgeschreven. Je weet elke dag wat belangrijk is. Je ziet patronen in je eigen gedrag die je helpen betere keuzes te maken.
En misschien wel het belangrijkste: je stopt met zoeken naar het perfecte hulpmiddel en begint eindelijk met het echte werk.
Eén boek. Eén doel. Rust in je hoofd. De rest? Gewoon wegstrepen.
En de Bullet Journal… dat is mijn journal. Bullets: de stippen geven me vrijheid in het schrijven (horizontaal, verticaal). En Bullet Journal is niet gelijk aan creativiteit en mooi schrijven… dus begin gewoon met het opschrijven wat in je hoofd rondspookt… en vind het terug als je ernaar zoekt.
Pak vandaag een notitieboek. Schrijf drie dingen op die je wilt doen. Kies er één als prioriteit. En begin.



