Notitieboeken vol ‘handige informatie’ die je nooit meer openslaat.
De map op je computer : “uitzoeken” , waarin inmiddels een tweede map “voor januari” zit. Een telefoon vol screenshots van quotes, Bullet Journal-opzetten en Notion-layouts waarvan je allang bent vergeten waarom je ze bewaarde.
Herkenbaar?
Het probleem is niet dat we te weinig opschrijven. Het probleem is dat onze notities, screendumps en opgeslagen handige tips nergens toe leiden. Ze verzamelen digitale stof. Je weet niet meer dát je iets hebt opgeslagen, laat staan waar.
De afgelopen jaren probeer ik steeds meer te begrijpen hoe losse informatie eindelijk groeit tot bruikbare kennis.
Niet nog meer verzamelen, maar ontdekken welke ideeën bij elkaar horen. Welke patronen zie ik? En welke inzichten leveren die op.
Tijdens die zoektocht kwam ik de Zettelkasten-methode tegen, samen met het boek “How to Take Smart Notes” van Sönke Ahrens. Het boek en de methode zetten mijn kijk op notities volledig op zijn kop. Ineens zag ik notities niet meer als losse stukjes informatie, maar als een netwerk van ideeën. Net zoals ons brein herinneringen met elkaar verbindt, kun je ook notities met elkaar verbinden. Juist in die verbanden ontstaan nieuwe inzichten.
Wat is Zettelkasten eigenlijk?
Zettelkasten is Duits voor “kaartenbak” , meer is het niet…. De methode werd bekend door de Duitse socioloog Niklas Luhmann, die in zijn leven meer dan 90.000 kaartjes bijhield. Hij schreef elk idee op een aparte kaart, verbond die kaarten met elkaar, en bouwde zo een netwerk van kennis op dat hem jarenlang hielp bij zijn werk.
Het klinkt misschien alsof dit niks voor jou is. Negentigduizend kaartjes? Wie heeft daar tijd nu voor? Maar het principe achter de methode is eigenlijk simpel en daarmee heel krachtig.
Het gaat er namelijk niet om hoeveel notities je hebt. Het gaat om de verbindingen ertussen.
De drie soorten notities (en hoe ik ze gebruik)
De Zettelkasten-methode werkt met drie soorten notities. Ik leg ze uit zoals ik ze zelf gebruik, want (natuurlijk) heb ik mijn eigen variant gemaakt die past bij mijn leven.
1. Fleeting Notes: de snelle gedachten die je niet wilt kwijtraken
Dit zijn ongefilterde notities, gemaakt op het moment zelf. Bijvoorbeeld in je Bullet Journal. Dingen die je niet wilt vergeten, een quote, een idee of een zin die blijft hangen.
Fleeting, het woord zegt het al … vluchtig. Je schrijft ze snel op. Maar je moet ze daarna ook zo snel mogelijk verwerken. Als je ze te lang laat liggen, weet je niet meer waarom je het zo belangrijk vond. De context erom is dan verdwenen (zoals in mijn voorbeeld van de screendumps op mijn telefoon.)
Je fleeting notes zitten vaak in een van je inboxen, dus als het goed is en je leest hier vaker, dan heb je een systeem om deze te verwerken.
2. Literatuurnotities: wat denk ik hierover?
Een fleeting note vanuit een boek of andere bron, wordt omgezet naar een zogenaamde literatuurnotitie. Dit is waar je opschrijft wat je denkt over het idee, niet wat de auteur zei, maar wat jij ervan vindt. In je eigen woorden.
In mijn eigen systeem heb ik de literatuurnotitie en de referentienotitie samengevoegd in één Obsidian-bestand per boek of artikel. Daarin staan de highlights die ik heb verzameld, mijn gedachten daarbij, en de bronvermelding. Strikt genomen is dat niet puur Zettelkasten, maar het werkt voor mij. En dat is uiteindelijk wat telt.
Het allerbelangrijkste bij literatuurnotities: gebruik altijd je eigen woorden. Geen copy-paste. Het is verleidelijk om gewoon een quote over te nemen, maar dan heb je er niets mee gedaan. Schrijf het om. Leg het uit alsof je het aan iemand anders vertelt. Dan weet je over tien jaar ook nog wat je bedoelde. Of citeer de quote, maar schrijf erbij waarom deze quote je op dit moment zo aanspreekt.
3. Permanente notities: één idee, één kaart
Dit is de kern van de Zettelkasten-methode. Vanuit je literatuurnotities maak je permanente notities — en hier geldt één gouden regel: één notitie, één idee.
Een permanente notitie is kort. De notitie staat op zichzelf — je hebt geen context nodig om haar te begrijpen. Ze verdwijnt nooit. En ze is altijd geschreven in jouw eigen woorden.
Zie de titel van je notitie als een soort tweet: in één zin duidelijk maken wat erin staat, zonder dat je de notitie hoeft te openen.
Ik schrijf mijn fleeting notes nog steeds op papier. En dat doe ik bewust. Papier is beperkend op een goede manier: je hebt een beperkte ruimte, dus je bent gedwongen kort te zijn. En er is iets aan het fysieke schrijven dat ideeën anders laat landen dan typen. Maar mijn grootste reden: je kunt papieren kaartjes stapelen. Je kunt ze op je bureau verspreiden, groeperen, herschikken. Dat ruimtelijke, tastbare sorteren geeft mij soms inzichten die een scherm simpelweg niet biedt.
Het nadeel? Papier kun je kwijtraken. Dus deze notities digitaliseer uiteindelijk ik toch altijd in Obsidian.
Ook het linken gaat in Obsidian heel mooi, omdat je vanuit elke notitie kunt linken naar andere notities. En dat linken, dáár wordt het interessant.
Het gaat om de verbindingen
Hier ligt het grote verschil met hoe de meesten van ons notities maken. Normaal gesproken sla je een notitie op in een map. Je hoopt dat je hem ooit terugvindt. Maar de notitie staat er stil bij, geïsoleerd.
Bij Zettelkasten link je elke notitie aan andere notities. En je schrijft erbij waarom je die link maakt. Niet alleen “zie ook: notitie X”, maar “dit idee raakt aan X omdat…”
Die uitleg is cruciaal. Want over vijf jaar snap je anders niet meer wat je bedoelde met die link.
Door die verbindingen te maken, ontstaat er langzaam een netwerk van ideeën. En dat netwerk begint vragen te stellen. Je ziet patronen die je eerder niet zag. Je combineert ideeën die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Dat is het moment waarop je kennissysteem echt voor je gaat werken.

Mijn hybride systeem: analoog én digitaal
Ik ga eerlijk met je zijn: ik heb het nog niet perfect. Ik doe het dus deels op papier en deels in Obsidian en soms zit ik mezelf daarmee gewoon in de weg.
Maar ik heb ook geaccepteerd dat een hybride systeem zijn eigen logica heeft. Papier voor de eerste vangst, voor het fysieke sorteren, voor het moment dat ik mijn scherm even niet wil zien. Obsidian voor de permanente notities, voor de links, voor het terugzoeken.
De principes van Zettelkasten passen perfect bij Obsidian: notities, interne links, in je eigen beheer. Het is alsof de methode gemaakt is voor deze app.
Hoe begin je?
Je hoeft niet meteen 90.000 kaartjes te maken. Begin klein.
Pak de volgende keer dat je iets leest, een artikel, een hoofdstuk, een nieuwsbrief, een briefje en schrijf één idee op dat je aanspreekt. Niet de hele samenvatting. Eén idee. In je eigen woorden.
Verwerk het daarna naar een notitie in je systeem. Koppel het aan iets wat je al weet. Schrijf op waarom.
Dat is het. Zo begint het.
Conclusie: je notities verdienen een tweede leven
De Zettelkasten-methode gaat niet over het maken van kaartjes of apps. Het gaat over aandacht. Over het verschil tussen informatie hamsteren en kennis opbouwen.
Sinds ik mijn notities op deze manier bekijk, verzamel ik minder, maar denk ik meer. Ideeën blijven niet langer losse eilandjes of gedachten, maar ze vormen langzaam een netwerk dat rijker wordt.
Misschien is dat wel de grootste winst: niet een voller archief, maar een beter geheugen voor je eigen gedachten.
Probeer het deze week: maak vandaag je eerste permanente notitie. Eén idee. Jouw woorden. En link hem aan iets wat je al weet.

